Het was te verwachten natuurlijk. Je bent bijna twee weken niet op kantoor en de deadlines blijven staan. Het 'ik doe het thuis wel even' is altijd enkel een goed voornemen. Want ook thuis vliegt de tijd en 'de kabouters doen het niet'. Op kantoor vergeet ik altijd dat thuis de knop om gaat. Thuis is thuis en vrij is vrij. Van de vier nog af te maken artikelen schreef ik er slechts twee. En dat is al heel wat voor mijn doen.
Afgelopen vrijdag was de laatste van twee grote after-Roemenië deadlines. Een wederom onhaalbare deadline. Vrijdag is bovendien de minst productieve dag van de week. Voor mij dan. Dus... Huiswerk! En thuis natuurlijk een weekend vol huiswerk-ontwijkend gedrag. Gisteravond kon ik me amper concentreren op 3 op reis, want potdikke, nu had ik de deadline echt niet gehaald.
Dus bij deze besloten: voortaan geen huiswerk meer.
Mijn voedselvergiftiging had nog een week lang last van naweeën. Volgens google hoefde ik de dokter niet te bellen en moest ik mijn lichaam z'n gang laten gaan. Daarom at ik tot zeven dagen na thuiskomst de minimum benodigde hoeveelheid. Van thee raakten m'n darmen in paniek en koffie durfde ik al niet eens te proberen. Water, limonade en beschuiten. Ach, voor een weekje was dat ook prima. Een dag thuis mijn opruimwoede botvieren, een dagje seminar en een dag met een onhaalbare deadline later, had ik het gevoel nooit weg geweest te zijn. 'Hoe Roemenië was? Euh...'
Gister typte ik een adviserend mailtje naar mijn Roemeense collega en 'vriendin' C. Een dwingend advies, dat wel. Een project met een deadline die met grote stappen dichterbij komt. Een gezamenlijk kennisoverdrachtsproject. Vandaag ontving ik haar kille, genummerde reactie waar onze defensie nog een puntje aan kan zuigen. Misschien dat ik Henk W. gelijk moet geven, wat deze vriendschap betreft. Vanmiddag tikte ik een genummerde reactie terug. Zonder aan te vallen of te verdedigen. Feedback, zo noemen wij dat. Maar misschien had ik haar dat eerst moeten leren.

Friends... Corina, me and Anka with a piece of Medias in the background
En dan ben je zomaar opeens geveld door een te goed vertrouwen in eigen lichaam en het vlees dat geserveerd wordt. Gisterochtend werd ik om half vijf wakker, beroerd. De rest van de dag werd een dag van op bed liggen en het toilet omarmen. En dan is het opeens heel erg alleen op een hotelkamer in een land waar je de taal niet spreekt. Dan is er opeens... Heimwee.
Een dag vol afspraken en ik baalde als een stekker, maar ja, op het gemeentehuis steeds het toilet bezet houden omdat ik nog geen slok water binnen kon houden... Dat leek me ook geen prettige optie. In de loop van de dag werd het beter en 's avonds kreeg ik zelfs een bord soep en een half stuk brood naar binnen. Corina had de hele dag niet stil gezeten en 's avonds zijn we alsnog samen om tafel gegaan om spijkers met koppen te slaan.
Vanochtend draaide ik me om in bed om tegen mijn lief te zeggen dat ik me al een stuk beter voelde. Maar ja, die lag nogal wat kilometers en een tijdzone verderop in ons eigen bedje. Sinds gister probeer ik opeens de lichtknopjes aan de verkeerde kant aan te doen, aan de thuis-kant. Het is tijd om weer naar huis te gaan. Over een uur worden we naar het vliegveld van Tirgu Mures gebracht.
Zaterdagochtend was ik niet uit bed te branden. Samen met m'n boek lag ik daar zo heerlijk. Maar afspraak is afspraak, dus om tien over negen gaf ik mezelf een schop onder m'n kont en treuzelde ik naar de badkamer. Ontbijt werd Nederlandse ontbijtkoek uit m'n handbagage. Tandenpoetsen, spijkerbroek aan, gympen, gemakkelijke trui. Weekend!
Om half tien stond ik voor het hotel. Op het plein voor het gemeentehuis, aan het eind van de straat, was het al een drukte van jewelste. Traditionele muziek klonk over het plein door de straten, groepen dansers in klederdracht liepen me voorbij. Corrina smste me 'I 'll be there in 3 minutes', prima. Ik liep langs de etalages aan de overkant van de straat en weer naar het hotel. In de verte zwaaide iemand, Corrina.
Samen liepen we naar het plein. Ze moest nog even schoenen poetsen, want de mayer zou zich schamen als hij haar zo zag. Ik vermaakte me met mijn camera en nieuwe tele-zoom lens best wel even alleen. Ze keek me in m'n ogen om te kijken of ik echt meende dat ik wel even alleen kon zijn, schatje. Ik drentelde wat heen en weer. Met mijn inmiddels een bekende gezicht hier, had ik al snel aanspraak.
Samen met Corrina luisterde ik hoe voorgangers van alle vier de verschillende kerken in Medias de nieuwe oogst zegenden met een massaal gebed. 'Dit is zo klaar, dan gaan we het verse druivensap proeven.' En zo deden we. Corrina trakteerde op vers druivensap, op een zak biologische appels en op een Roemeense delicatesse: mici (gehaktworstjes). Tussendoor savede ik haar ass omdat ik m'n camera bij me had en de hare leeg was. 'Monday I need to get your pictures on my computer.'
Verse groenten en fruit ruiken zo fijn. Corrina probeerde me steeds uit te leggen wat voor groenten het waren, misschien denkende dat wij Nederlanders alleen uit pakjes eten. 'I know it.' 'Oh really?' En soms is het moeilijker om het Engelse woord te zoeken dan om gewoon in Nederlands en Roemeens te communiceren. Want de handgemaakte pruimenjam die ik graag wilde kopen, heet hier gewoon: gem de prume.


Omdat het zo heerlijk goed afspreken is met de Roemeense collega's hier, had ik lekker vroeg weekend. 'Vrijdag de hele dag overleggen? Maar ik heb vrijdag de hele dag andere afspraken.' Euh... 'Dan moet het maandag.' 'Ok, maandag heb ik de hele dag voor je.' Dus, we zullen zien...
Het fijne aan dit weekend is dat we eindelijke even niet geëntertained worden. Gewoon even zelf bepalen wat we gaan doen, waar we dat gaan doen en wanneer we dat gaan doen. Even gewoon op gympen kunnen lopen zonder het idee te hebben dat er afkeurend naar gekeken wordt. Even niet hoeven luisteren naar enthousiaste Roemeense verhalen die in het Engels opeens meer dan de helft korter zijn.
Of ik vanavond koffie met haar wilde drinken. Prima, we bellen wel even. Ze keek moeilijk. Ze kan geen buitenlandse nummers bellen, althans, ze weet niet zeker of het wel kan. Dan maar een tijd afspreken, toch. Acht uur voor het hotel en voor de zekerheid telefoonnummers uitwisselen.
Natuurlijk komt er wat tussen. Een diner afspraak die wat mij betreft voor gaat. Eten gaat boven koffie, bovendien kan ze best 'joinen'. Twee uren lang probeer ik haar te vergeefs bellen. Tijdens het hele bezoek had ze (net als haar collega's) te pas en te onpas telefoon, maar nu heeft ze hem ver weg gestopt.
Als ik het briefje om bij de receptie neer te leggen klaar heb, belt ze terug. Het kon dus toch. Ik vraag of ze met ons mee gaat. Ze wil wel, maar ik kom er alleen wat laat mee, zegt ze. Aan de andere kant van de lijn klinkt een diepe zucht. Ze zal wel zien, anders moeten we maar wat anders afspreken. Morgen poging twee. We'll see if we can make it.


|
|