HM Berenloop Terschelling 2014

wpid-img_20141102_104443.jpgYes, i did it! Mijn tweede halve marathon en wel op Terschelling. Minder goed voorbereid dan voor Sneek, maar wel met vertrouwen. Onverwacht kon ik begin oktober een startbewijs overnemen voor de halve van de Berenloop (die al sinds mei vol zat).

Na Sneek, op 21 juni, had ik eigenlijk mijn running-mojo een beetje verloren. Ik trainde nog wel een keer in de week, soms zelfs twee, en liep 10km’s. Maar weinig meer dan dat. Pas in september kreeg ik mijn ritme weer te pakken en begon ik weer met twee á drie keer per week lopen. Maar weinig lange duurlopen.

De voorbereiding voor deze halve marathon was dus niet ideaal. Negen dagen van te voren liep ik nog een 18km voor het zelfvertrouwen. Dat ging prima. Vergelijkbaar tempo met mijn 18km’s in mijn training voor Sneek. Dus zou een vergelijkbare tijd haalbaar zijn? Of misschien nog sneller?

Sneller, niet gelukt. Vergelijkbaar? Redelijk. Check Runkeeper:

Runkeeper-2-nov-2014-berenloop

Sneek liep ik 2:12, Terschelling in 2:14. Terschelling is een zwaarder parcours, dus ik durf wel een beetje de conclusie te trekken dat ik ongeveer op hetzelfde niveau gelopen heb.

Tot de start
De veerboot, die had ik al heel lang niet meer van binnen gezien. Voor het laatst in 2003 denk ik zo. De route daarentegen, is inmiddels behoorlijk bekend. Een veerboot vol hardlopers, dat is weer eens iets anders. En vol-vol ook. Ik vond wat bekenden van de loopgroep en schoof aan. Op een hoekje van een bank. Op naar Terschelling!

Op Terschelling zelf moest ik het startnummer nog even op mijn naam zetten en kozen we allemaal onze eigen weg. Bij het wedstrijdsecretariaat was ik snel klaar, dus ik draalde wat door het dorp. Ik kleedde me om, bezocht een dixie, leverde mijn tas in, liep alvast een rondje langs de start en een zo goed als leeg startvak en besloot: toch nog maar even een plas-stop. Waardoor ik uiteindelijk vrijwel achteraan in het startvak stond.

Kilometer 0 tot 5
Nog even stress omdat mijn horloge moeite heeft met GPS-signaal ontvangen, maar ik maak me niet druk om mijn plek in het startvak. Het is immers de netto-tijd die telt en ik sta daar wel gezellig. Snel ben ik toch niet. Ik start rustig en loop lekker. Mijn pace steeds net onder of op de 6 minuten per km (10 km per uur dus).

Kilometer 5 tot 10
In Midsland trek ik mijn eerste energy-gel open. Ik wandel een stukje en de gel van SIS is gelukkig goed weg te krijgen, goede keuze. We zitten op ruim 7,5 kilometer. ‘Gaat het goed?’, roept een van de mannen waarmee ik bij de start stond. Ik bevestig het, het gaat nog prima. ‘Dit stuk is het zwaarst’, roept hij, ‘als je de eerste 10 kilometer goed doorkomt, dan gaat het lukken.’

Kilometer 10 tot 15
Na de gel ben ik toch weer een beetje uit mijn ritme. Voel ik me echt nog goed of doe ik maar alsof? Heb ik genoeg getraind? Voor aanstelleritus is geen tijd, want de strandopgang komt in zicht. Ik herinner me de tip van Tamara, toen we tijdens een laatste lange duurloop de Oude Schouw brug (route marathon Sneek) op liepen: pasfrequentie omhoog, kleine pasjes.

Het strand is best hard, gelukkig. We hebben tegenwind, maar lopen ook in de luwte van het eiland. Het voelt niet als een windkracht 5 of 6 in elk geval. Ik verlies snelheid en baal daarvan. Maar als ik na het strand mijn eerdere tempo weer op kan pakken, mag ik drie minuten verliezen op het strand en kan ik nog 2:12 lopen. Of misschien wel sneller….

Kilometer 15 tot 19
Bij West aan Zee ga ik een klein beetje stuk. De duinopgang, ploeteren door mul zand, valt me enorm tegen. Hoe kort ook. Ik gun mezelf mijn tweede gel, volgens planning, en wandel een klein stukje. Dan weer doorrrrr … en tsjongejonge, valt dat even tegen. Vlak is niet vlak, maar vals plat. En alle stukken naar beneden geven me niet meer de vleugels die ik daar de eerste 10km van kreeg.

Ik krijg mijn snelheid niet meer omhoog en word ook een beetje licht in mijn hoofd. Het doet een beetje pijn, maar het besef dat dit geen PR wordt dringt door. Verder denk ik weinig meer na, ik loop op mijn tandvlees. Ik focus me op mensen die voor me lopen, maar ook dat wordt steeds frustrerender.

Kilometer 19 tot en met 21
Dan is daar ein-de-lijk de Longway, het dorp! Ik doe een halfslachtige poging tot versnellen, maar er zit echt helemaal niks meer in. Ik ren door, zo goed en kwaad als dat nog gaat. Ik denk te weten hoe de route loopt, maar dat is niet helemaal waar. Na elke bocht blijkt er toch nog een te zitten. En dan is daar de rode loper, de finisch… Fijn! Trots!

Wat was dit prachtig. Volgend jaar weer! Ik krijg de medaille omgehangen en een poncho, fijn. Ik zoek wat te drinken en pluk mijn telefoon en bel het thuisfront. Ik ben er! 2:14. Zij die gewoon onder de 2 uur wil kunnen lopen, liep 2:14. Ik kan met recht zeggen dat dit, met deze voorbereiding, alles was dat er in zat. En ik heb, op drie drinkmomentjes en de duinopgang na, álles gerend. Zo.

Dus ja, ik ben trots. Volgend jaar weer en dan weer wat sneller.

Been there, done that, got the t-shirt.

wpid-img_20141102_143858.jpg wpid-img_20141103_080824.jpg

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>